Samen Zorgen

Samen zorgen: Het thema van Wereld prematuren dag 2018.
Het roept bij mij van alles op. Het brengt mij terug naar mijn begintijd, onze tijd als nieuw gezin, moeder van een prematuur en dysmatuur meisje. Het was de rollercoaster van het samen zorgen. Samen zorgen met de verpleging, de artsen en daarna thuis met elkaar en onze omgeving. Maar het roept ook op waar ik nu sta en hoe ik tot dit nieuwe idee kwam. In de periode dat ons kleine meisje in het ziekenhuis lag draaide mijn wereld, onze wereld voornamelijk om haar en haar grote zus. Wij moesten onze ‘draai’ vinden in het ‘samen zorgen’ voor de kinderen. Het verscheurd voelen tussen. Ik wilde in het ziekenhuis zijn maar ook thuis waar zus-lief was. Vaak opgevangen door opa`s, oma`s, oom en tante, lieve vriendin en oppas. Wij hadden het geluk dat deze mensen er waren en dit voor ons konden doen. 

Als ik hierop terugkijk en de afgelopen jaren overdenk, merk ik dat ik in dat samen zorgen ook iets gemist heb. Toen we nog in het ziekenhuis waren, was daar de maatschappelijk werkster waar ik indien gewenst gesprekken mee kon hebben. Alleen toen had ik die behoefte en voornamelijk de ruimte nog niet. Alle zorg en aandacht ging naar dat kleine mensje in de couveuse en mijn dochter thuis. Toen onze jongste eenmaal thuis was ging de rollercoaster in eerste instantie gewoon door. Het leven stond in het teken van een nieuw ritme vinden, het ‘normale’ gezinsleven “herpakken” en daarbij hoorde ook het werk en onze sociale contacten. Als je thuis bent lijkt het alsof alles zo snel mogelijk weer ‘normaal’ moet zijn en was er eigenlijk geen ruimte voor hoe het mij ging. 

Tijdens de bezoeken aan het consultatiebureau en de Kinderarts werd er wel kort naar mijn gemoedstoestand gevraagd maar voornamelijk ging de aandacht naar mijn dochter uit. Hier was uiteraard de afspraak ook voor bedoeld. Maar ik vroeg me toen wel eens af; Wat als ik nu open vertel dat ik mijzelf niet prettig voel, wat gebeurt er dan? Waar kom ik dan terecht? Waar moet ik heen? Naar de huisarts? Die verwijst me door naar een psycholoog, of naar de GGZ? En dan? In welke rollercoaster of mallemolen kom ik dan terecht? Krijg ik dan een stempel: postnatale depressie? Of gaan ze nog meer graven en komt er nog iets bij? Want ja ik heb ook dingen in het verleden meegemaakt en ik kon nu amper alle ballen in de lucht houden, laat staan dat ik daar toen ook nog mee aan de slag moest. 

Deze gedachten hielden mij tegen, maar de worsteling met mezelf bleef. Ik wist dat ik behoefte had aan gesprekken, herkenning, erkenning, gelijkgestemden en ik wist toen nog niet van het bestaan van de VOC . 
Vanuit deze worsteling, mijn ervaring als professional en de drive om andere moeders te helpen in hun worsteling ben ik mijn eigen praktijk gestart.

Mij neigen praktijkis het begin van een grotere droom. Want als ik onbegrensd visualiseer lijkt het mij geweldig om samen met andere ervaringsdeskundigen in (minimaal) elke provincie een coaching praktijk op te zetten waar we “Samen Zorgen” om moeders met een trauma gerelateerde zwangerschap/bevalling (door bijvoorbeeld zwangerschapsvergiftiging of andere ziektebeelden) en een prematuur, dysmatuur of ziek geboren kindje weer in hun kracht te zetten. Een gespecialiseerd centrum waar we verschillende behandel/gespreksvormen aan bieden voor de moeders en hun partners. 

Het “Samen Zorgen” voor elkaar. Ieder van ons heeft een unieke ervaring, maar tegelijkertijd is er ook veel herkenning in wat we hebben ervaren. Door vanuit onze eigen ervaring er voor elkaar te zijn en van elkaar te leren – elkaar weer op weg te helpen. Dit zonder stempels en lange wachtlijsten. ‘Gewone’ zorg gebaseerd op compassie, aandacht, erkenning en herkenning. 

Ik ben benieuwd wat jullie van dit idee vinden? Zou jij er behoefte aan hebben of hebben gehad?  
Nu vraag ik me af; Word jij enthousiast wanneer je mijn droom leest? Is dit ook jouw droom en wil je het samen met mij en hopelijk nog meer andere enthousiaste moeders verwezenlijken? Schroom dan niet om contact met me op te nemen!! Super leuk! 
 
 
Mijn werkwijze