De impact van de couveuseperiode op grote zus

Onderstaande blog is in april 2019 gepublicieerd in "De Kleine Maatjes" van de Vereniging van Ouders van Couveusekinderen. 
 
"Je bent twee jaar, als mama ‘s avonds niet thuiskomt van haar werk. Een heftige bloeding tijdens het werk overviel haar en mama moest met spoed opgenomen worden. Er wordt je verteld dat mama naar het ziekenhuis is, maar wat is een ziekenhuis? Mama zei vanmorgen nog: “Kus en tot vanavond.”
 
Vier maanden lang staat alles in het teken van je veel te vroeg geboren zusje. Plotsklaps werd mama ziek, kwam ze niet meer thuis en het eerste weerzien met haar was in het ziekenhuis toen ze aan allerlei slangetjes vastzat en vijftien kilo zwaarder was door al het vocht. Mama ziet er vreemd uit en je vraagt je af: “Wat doe ik hier?” 
Mijn beide kinderen hebben het eerste half jaar na hun geboorte bij ons op de kamer geslapen. Elk signaaltje, elk kuchje: we waren er gelijk bij. Helemaal toen onze tweede na bijna vier maanden ziekenhuis thuiskwam en we moesten leren dat we op haar vertrouwen konden. Er was immers geen monitor of verpleegkundige meer die ons kon geruststellen.
 
In het eerste half jaar stonden we gelijk aan haar bedje als ze enig traantje wilde laten: “Kom maar meisje.” Even buidelen bij mama, even rondwiegen, geen probleem. Het verdragen van de tranen, ik kon het aan. Ook omdat ik dit onbewust met mijzelf had afgesproken, dat weet ik nu. Toen het eerste half jaar voorbij was en we steeds meer in onze ‘normale’ ritme van het ouderschap kwamen, kwam mijn geduld steeds meer (onbewust) in het geding. 
 
Ik was alweer een tijdje als gezinshulpverlener aan het werk. Inmiddels was ons kleine meisje ook naar haar eigen kamertje verhuisd. We waren gezegend met een meisje dat heel ‘makkelijk’ was en slapen erg fijn vond. Dit in tegenstelling tot grote zus, die haarfijn aan leek te voelen dat er na de roerige tijd waarin wij en zij maandenlang hadden geleefd, ruimte kwam voor haar. 
 
Vaak wilde grote zus ‘s avonds niet slapen, of sliep ze niet door en werd ze huilend wakker. Mijn primaire reactie was boosheid. Ik kon het niet meer verdragen om na een lange periode van voortdurende waakzaamheid en slapeloze nachten nu weer paraat te ‘moeten’ staan. 
 
Daarnaast speelden de pedagogische adviezen van laten huilen in combinatie met mijn vermoeidheid de overhand. Ik merkte dat als we haar maar een poos lieten huilen, dat het vanzelf minder werd. Wel had ik elke keer last van een enorm schuldgevoel en tegenstrijdige gevoelens. Mijn lijf was totaal niet in balans en ik had hier continu een innerlijke strijd over. Daarnaast had ik een enorm behoefte aan controle en moest alles gaan zoals ik voor ogen had. Ook mijn partner kon daar weinig tegenin brengen. Omdat mijn boosheid ’s nachts de overhand kreeg, kreeg mijn dochter geen gehoor aan de betekenis van haar huilen. Ze ging het op een andere manier proberen. Inmiddels was ze vier geworden. Ze begon dus net aan een nieuwe fase op school, met alle spanningen die daarbij kwamen kijken. Haar zusje werd regelmatig door haar aan haar hoofd opgetild en in haar wang gebeten, tot blauwe plekken aan toe. 
 
Haar nieuwe vriendjes op school wilde ze graag van alles vertellen en om aandacht te krijgen, kneep ze hard in hun arm. Een vriendin van mij vertelde toen dat haar kinderen niet meer met mijn dochter wilden spelen... Van binnen huilde ik, maar weer won mijn boosheid. Ik sprak grote zus regelmatig aan op haar gedrag, zette haar op het ‘nadenkstoeltje’ of stuurde haar naar boven. Terwijl haar boodschap vol liefde was: “Mama zie mij, hoor mij! Je werd tijdelijk uit mijn leven gerukt en nu ineens ben je in je reactie een andere mama.” 
Al die tijd probeerde ze mij van alles te vertellen. Te vertellen dat ik beter voor mezelf mocht zorgen, dat ik mijn tranen mocht laten gaan, dat ik niet altijd sterk hoefde te zijn, dat ik niet alles volgens het boekje hoefde te doen. En dat ik mijn gevoel mocht volgen, ook al vlogen de best bedoelde adviezen ons aan alle kanten om de oren.
 
Daarnaast zag ik wat de impact is van de rollercoaster - veroorzaakt door de vroeggeboorte van kleine zus - op een brusje (broertje en/of zusje). Hoe jong, goed en liefdevol je andere kinderen ook worden opgevangen, zoiets heeft veel impact op hen en ook zij mogen daarbij hun eigen verwerkingsproces doorlopen."
Mijn werkwijze